Intranet (TCP/IP nummers)
HET WEB, 25 mei 2001 - Enige uitleg over het TCP/IP protocol.
Wat is TCP/IP?
Als je deze pagina op het Web leest dan gebruik je TCP/IP. TCP/IP is een set aan elkaar gerelateerde protocollen die worden gebruikt voor Netwerk Communicatie. TCP/IP is eigenlijk twee protocollen, Internet Protocol (IP) en Transmission Control Protocol (TCP). Er zijn vele verschillende implementaties van TCP/IP die zich echter wel aan de standaard houden, wat betekent dat ze toch met elkaar kunnen communiceren.
Elke machine die TCP/IP gebruikt moet een uniek IP adres gebruiken. Dat is een 32 bit getal, dat in het algemeen wordt weergegeven als een door een punt gescheiden viertal formaat XXX.XXX.XXX.XXX, waarbij XXX een getal van 0 tot 255 is. Bijvoorbeeld het IP adres 147.98.26.11 ziet er dan als volgt uit:
TCP/IP werd oorspronkelijk gebruikt op het ARPANET, een militair netwerk dat zich uitbreidde naar de universiteiten en nu op elk denkbaar computersysteem wordt gebruikt. Ga eens kijken bij http://rs.internic.net/nic-support/15min/modules/arpanet/sld01.html voor meer informatie over Arpanet.
Wat is het subnet masker?
Zoals gezegd bestaat het IP adres uit vier octets en wordt meestal getoond in het formaat 200.200.200.5. Echter, dit adres op zichzelf betekent niet zoveel en een subnet masker is nodig om te laten zien welk deel van het IP adres het Netwerk ID en welk deel het Host ID is. Stel het Netwerk ID als de straatnaam voor en het Host ID als het huisnummer. Dus bij Singel 23 is 23 het Host ID en Singel het Netwerk ID. Het subnet masker bepaalt welk deel van het IP adres het Netwerk ID is en welk deel het Host ID.
Bijvoorbeeld, bij een adres 200.200.200.5 en een subnet masker 255.255.255.0
IP Address 11001000 11001000 11001000 00000101 Subnet Mask 11111111 11111111 11111111 00000000 Network ID 11001000 11001000 11001000 00000000 Host ID 00000000 00000000 00000000 00000101
Wat er gebeurt is dat op bit niveau een AND operatie tussen het IP adres en het subnet masker wordt uigevoerd, d.w.z.
1 AND 1 = 1 1 AND 0 = 0 0 AND 1 = 0 0 AND 0 = 0
Er zijn standaard (default) subnet maskers, afhankelijk van de klasse van het IP adres:
Class A : 001.xxx.xxx.xxx to 126.xxx.xxx.xxx.xxx gebruikt subnet masker 255.0.0.0
Class B : 128.xxx.xxx.xxx to 191.xxx.xxx.xxx.xxx gebruikt subnet masker 255.255.0.0
Class C : 192.xxx.xxx.xxx to 224.xxx.xxx.xxx.xxx gebruikt subnet masker 255.255.255.0
Het subnet masker wordt gebruikt als twee Hosts met elkaar communiceren. Als de twee Host zich op hetzelfde netwerk bevinden dan zal Host A direct met Host B willen praten. Echter als Host B zich in een ander netwerk bevindt dan zal Host A via een Gateway moeten communiceren waarbij de enige manier waarop Host A dat kan bepalen is met behulp van het subnet masker.
Host A 200.200.200.5 Host B 200.200.200.9 Host C 200.200.199.6 Subnet Mask 255.255.255.0
Als Host A met Host B communiceert, hebben beide Netwerk ID 200.200.200 en kunnen dus direct met elkaar communiceren. Als Host A met Host C communiceert zijn zij beide op een verschillend netwerk, resp. 200.200.200 en 200.200.199, en moet host A zijn berichten via een Gateway zenden.
Mijn Netwerk is niet met het Internet verbonden, kan ik dan elk IP address gebruiken?
Het antwoord zou Ja kunnen zijn, het is echter aan te raden om een van de volgende adres bereiken te gebruiken die voor gebruik op privé netwerken zijn gereserveerd:
_10.0.0.0 - 10.255.255.255 this is a single class A network
_172.16.0.0 - 172.31.255.255 this is a group of 16 contiguous class B networks
_192.168.0.0 - 192.168.255.255 this is a contiguous group of 256 class C networks
Zet het laatste nummer van een Werkstation niet op 0 (nul) of 255. Een adres that eindigt op 0 (nul) wijst naar het netwerk zelf. Een adres dat eindigt op 255 is een Broadcast adres dat naar alle aangesloten Hosts op het netwerk wordt gezonden. Bijvoorbeeld, in een Class C netwerk, kan je de adressen 192.168.0.1 - 192.168.0.254 toekennen aan individuele computers in het netwerk.
Een dergelijk LAN kan worden verbonden met het Internet via een kabelmodem of ADSL aansluiting volgens onderstaande afbeelding.
Hieronder een ander schema hoe je je netwerk aansluit op een ADSL modem/router.
Afbeelding uit gebruikershandleiding DIVA 2440 ADSL Router van Eicon
Zie de snelcursus TCP/IP configureren
In onderstaand tekstbestand worden bovenstaande nummerreeksen besproken en wordt uitgelegd wat het verschil is tussen private address space en public address space en wat de voor- en nadelen daar van zijn:
Het voordeel van deze adressen is dat ze automatisch door routers worden gefilterd en dus het Internet beschermen. Wanneer je op een dag je interne netwerk deel wilt laten uitmaken van het Internet dan zul je een reeks IP adressen moeten aanvragen (bij Internic of je ISP).
Andere goede naslagwerken over TCP/IP zijn:
- Titels van O'Reilly and Associates, beschikbaar op:
http://www.ora.com/publishing/sysadmin/noframes.html - "Internetworking with TCP/IP", door Douglas Comer
- "TCP/IP Illustrated", door W. Richard Stevens
- "TCP/IP voor Dummies", in elke boekhandel te koop
Een uitgebreide uitleg over IP nummering vind je op de site van 3Com.
De tekst kan ook worden opgehaald in 3 pdf bestanden. Aan het eind van deel 3 staan oefeningen (met de antwoorden).
- http://www.3com.com/nsc/pdf/50130201a.pdf (69K)
- http://www.3com.com/nsc/pdf/50130201b.pdf (93K)
- http://www.3com.com/nsc/pdf/50130201c.pdf (57K)
Ook Cisco heeft een pagina over het TCP/IP protocol. Verder is op de Documentation pagina uitgebreide informatie te vinden over alles wat met netwerken heeft te maken.
IBM heeft een TCP/IP Tutorial and Technical Overview. In helder & begrijpelijk Engels wordt beschreven en uitgelegd wat er maar te weten valt over TCP/IP. Het is een pdf-bestand (7.6MB, 986 pagina's).
Wat is DHCP?
DHCP staat voor Dynamic Host Configuration Protocol en wordt gebruikt om een Host op een TCP/IP netwerk automatisch te configuren bij het Boot'en.
Dat betekent dat je alle beschikbare IP adressen in een centrale Database kan opslaan, tezamen met informatie als subnet masker, Gateways, DNS Servers, enz.
De gedachte achter DHCP is dat Clients worden geconfigureerd DHCP te gebruiken in plaats van een statisch IP adres. Als de Client opstart wordt een verzoek voor een IP adres uitgezonden. Een DHCP Server geeft dan een ongebruikt IP nummer uit dat door de Client voor bepaalde tijd wordt gebruikt.
Netopia ISDN Router en Vicom's Internet Gateway maken hiervan gebruik.
- De DHCP Home Page
- Informatie over de DHCP werkgroep, voorstellen en RFC's
- Vicom levert een apart DHCP programma, Vicomsoft DHCP Server
Het TCP/IP OSI model
Het TCP/IP protocol is een set netwerk protocols dat wordt gebruikt voor het verzenden & ontvangen van gegevens via het wereldwijde Internet.
Het bestaat uit een datagram delivery protocol, genaamd Internet Protocol (IP), en een datastream protocol dat voorziet in het uiterst betrouwbaar bezorgen van gegevens, genaamd Transmission Control Protocol (TCP).
Onderstaand schema toont TCP/IP in relatie tot de lagen in het OSI model.
Uit: Inside Macintosh: Networking With Open Transport
TCP Header formaat
| ||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Een verwijzing naar andere portnummers vindt je in de Protocol/Number Assignments Directory
Het Transmission Control Protocol (TCP) wordt beschreven in document RFC-793, Transmission Control Protocol Specification (168K)
IP Header formaat
Het Internet Protocol (IP) wordt beschreven in document RFC-791, Internet Protocol Specification (92K)
TCP/IP en LocalTalk (MacIP)
TCP/IP wordt ook toegepast op Apple's eigen netwerk architectuur, LocalTalk. Het heet dan MacIP.
Nu dacht ik altijd, na bestudering van het OSI model, dat het IP datagram rechtstreeks op de datalink werd gezet. Maar het blijkt dat op een AppleTalk netwerk het IP datagram wordt opgenomen, encapsulated zoals dat heet, in het Datagram van de AppleTalk protocol stack. Om het IP pakket van LocalTalk naar Internet te krijgen moet het door een Gateway. Hoe dat in zijn werk gaat, en de historie van MacIP, kan je lezen in Transmission of Internet Packets Over AppleTalk Networks.
Gateways die dit verzorgen zijn onder andere IPNetRouter en Vicom's Internet Gateway & SurfRouter Plus.
Hieronder zie je de twee mogelijkheden om TCP/IP in te stellen op een Local Area Netwerk. Pas zonodig de domeinnamen en IP nummers aan aan je eigen situatie. De nummers en namen krijg je meestal van je eigen Internet Service Provider (ISP).
MacTCP/IP Regelpaneel
OpenTransport TCP/IP Regelpaneel
Mac OS X en TCP/IP
Als je Mac OS X op een Mac zonder netwerk gebruikt, zal het voorkomen dat je alleen IP nummer 127.0.0.1 kunt gebruiken als je bijvoorbeeld de Apache web server start. De Ethernet aansluiting van je Mac heeft een hub nodig. Ik gebruik bijvoorbeeld een Farallon EtherMac iPrint adapter, een brug tussen Ethernet en Phonenet. Als die uitstaat heb ik niet het zelfbenoemde IP adres 200.10.1.50, maar zodra ik de iPrint adapter aanzet wordt het IP nummer direct aktief. Ook zal dan de Rendezvous-naam van mijn Mac, imac.local, aktief worden. Net als het adres http://localhost. Die kan ik beide dan gebruiken om webpagina's op te vragen (Zie onderstaande regelpanelen).
Let Op: Andere machines in een netwerk of VirtualPC op de dezelfde machine kunnen alleen het IP nummer gebruiken, niet bovengenoemde namen.
Als je TCP/IP via een PPP inbelverbinding gebruikt, krijg je het IP adres en de naam van je internetprovider. [1 december 2002]
Inmiddels heb ik vastgesteld dat IP nummer 200.10.1.50 in Santiago, Chili wordt gebruikt. [1 december 2002]
Verwante Verwijzingen
Meer informatie over het AppleTalk protocol.
20-07-2007 15:41